BPS22, Charleroi


9 maart 2017 Met zijn vieren vertrekken we met de auto al vroeg naar het zuiden van België. Recht onder Brussel in het Waalse gedeelte van het land ligt de oude mijnwerkersstad Charleroi. We vinden een plekje vlakbij het museum, er hoeft niet veel in de parkeermeter.
Het Musée d’art de la province de Hainaut: BPS22, is in het centrum en het industriële gebouw is al even donker als de omringende gebouwen. Een zwartgeblakerde klassieke gevel met daartussen beglaasde ramen.

Eenmaal binnen -er is op de beschikbare 2500 m2 één tentoonstelling: de Belgische Marthe Wéry- zien we monochromen. Formaten van een A3 tje tot bijna een paar meter. In de eerste zaal hangen verschillende tinten blauw, tot zwart op verschillende hoogtes.

In een zaaltje boven de ingang hangen grijsblauwe panelen. We zeggen tegen elkaar dat het best eigenaardig is dat we hiervoor -om naar op het eerste gezicht eenvoudig geschilderde panelen te kijken- ruim drie uur gereisd hebben. Maar het is ook wel fijn om na een hectische reis dwars door de Belgische ochtendspits nu, in een rustig bezocht museum, naar de monochrome vlakken te kijken in blauw, grijs, rood of zwart.
De vier blauwgrijze panelen hangen tegen elkaar maar zodanig dat de rechterkant van ieder paneel een raamdikte voor de linkerkant van het paneel ernaast uitsteekt. Er is daardoor zeer subtiele schaduwwerking. Het lijkt wel of het experimenten zijn.


We komen in een ruimte met wat tafels en stoelen. Aan de rechterkant is het open, er is een groot glazen dak. Als we over een balustrade kijken zien we beneden op een grote grijze vloer ook weer een aantal panelen liggen. Deze vlakken in verschillende tinten rood, wit en zwart zijn allemaal doormidden gevouwen en liggen als lage ‘tenten’ willekeurig verspreid.
Als je er beneden bij staat voel je je klein. Alsof een reus wat papiertjes heeft laten vallen. Op de folder met plattegrond staat in grote woorden dat Marthe Wéry in 2001 voor een expositie Tour & Taxis in Brussel deze grote driedimensionale installatie vernieuwde in aluminium. Het is jammer dat je de houten steuntjes eronder kunt zien.

Via de lege kantine komen we beneden en weer is daar een ‘painting in relief’ licht blauwgrijs monochroom. Een meter hoog en anderderhalve meter breed, en als je goed kijkt zie je dat het een heel klein beetje in drie verticale stroken is gevouwen. Een holle hoek en een bolle. Er staat verstrooid licht op en je beseft meteen dat dit niet zomaar iets simpels is. Het werkt. Door de schaduw, vooral aan de onderkant achter het schilderij, komt het niet alleen van de muur af maar het lijkt te vervormen omdat de gevouwen hoeken zo flauw zijn dat je ze niet als hoeken ziet. De rechthoek lijkt slordig afgeronde kanten te hebben. Als je beweegt, naar voor, achter, links of rechts, dan bewegen de contouren van het vlak mee; dan zie je de diepte. Alleen door de schaduw neem je het waar en als we er met ons neus bijna tegenaan gaan staan is het jammer dat de bolle hoek al kleine ouderdomsscheurtjes vertoond.

Hier tegenover hangen op het eerste gezicht vlakken in verticale grijze en beige stroken verdeeld. Van dichterbij zie je dat ze beschreven zijn. De kalligrafie, keurig tussen potloodlijntjes, is donkergrijs en daarnaast lichter omdat de woorden eerst strak tegen elkaar staan en daarna verder uit elkaar. De Frans- en Engelstalige literatuur betreft kunstgeschiedenis. Door het wollige ritme van de teksten lijkt het haast een kleed.  

Modeltekeningen, al uit 1952, zijn strak, stilistisch en vakkundig. Op de muren staat een beschrijving van haar leven en ook op internet is te vinden dat zij een van de belangrijkste Belgische kunstenaars van de tweede helft van de 20ste eeuw is. Zij was hoogleraar in de schilderkunst in Brussel, werkte in Parijs en specialiseerde zich in de ets en aquatint. Haar monochromes zijn internationaal bekend.

Na ruim een uur staan we weer buiten, best lang voor twee zalen met zeventien items. Het is nog steeds grijs weer maar dat gaat veranderen.

Een monochroom is nooit helemaal monochroom. De nuances in een monochroom zijn eindeloos. Er zijn verschillende richtingen waar ander licht vandaan komt, er zijn vouwen, schaduwen of reflecties. Daar kun je natuurlijk ook gebruik van maken met een ‘schijn monochroom’.